Open Source
Open source beschrijft de praktijk die in productie en ontwikkeling vrije toegang geeft tot de bronmaterialen (de source) van het eindproduct. Sommige mensen zien het als een filosofie, anderen beschouwen het als een pragmatische methodologie.
Voordat de term open source algemeen in gebruik werd genomen, was er een breed scala aan uitdrukkingen om het concept te beschrijven. Het dankt zijn huidige populariteit aan het toenemende gebruik van internet, het mogelijk maken van diverse productiemodellen, manieren om communicatie te bedrijven en interactieve gemeenschappen. De meest bekende vorm is opensourcesoftware.
Het openbronmodel staat het gelijktijdig gebruik van verschillende agenda’s en productiebenaderingen toe, in tegenstelling tot meer gecentraliseerde modellen van ontwikkeling zoals die meestal gebruikt worden door softwareontwikkelaars. Het openbronmodel in cultuur is een cultuur waarin fixatie ter beschikking wordt gesteld aan iedereen. Deelnemers aan zo’n cultuur mogen hieraan vrij veranderingen doorvoeren en deze ook vrij terugleveren aan de gemeenschap.

GESCHIEDENIS OPEN SOURCE SOFTWARE
Het “open source”-label ontstond tijdens een strategiesessie[1] in Palo Alto, Californië, als reactie op Netscape’s mededeling in januari 1998 dat de broncode van Navigator zou worden vrijgegeven. De leden van de sessie, Christine Peterson, Todd Anderson, Larry Augustin, Jon Hall, SAM Ockman, en Eric Raymond, stelden voor om voor deze release de term “open source” te gebruiken om de ideologische en verwarrende connotaties van de term free software te voorkomen. Uiteindelijk werd de opensourcelicentie ondergebracht bij de Mozilla Foundation.
De term kreeg bredere bekendheid op de “Freeware summit”, een samenkomst die georganiseerd was door Tim O’Reilly in april 1998. Op deze samenkomst werden de problemen met de term free software besproken met deelnemers aan de op dat moment lopende vrije- en opensourceprojecten, waaronder Linus Torvalds, Larry Wall, Brian Behlendorf, Eric Allman, Guido van Rossum, Michael Tiemann, Paul Vixie, Jamie Zawinski van Netscape en Eric Raymond. Tiemann stelde als alternatief de naam “sourceware” voor, en Raymond de naam “open source”. De kwestie werd in stemming gebracht en de uitslag volgde ‘s avonds op een persconferentie. De samenkomst werd achteraf betiteld als de “Open Source summit”[2].
Dit hoogtepunt kan algemeen worden gezien als de geboorte van de opensourcebeweging, maar eerdere wetenschappers met toegang tot ARPANET gebruikten een proces genaamd Request For Comments, dat gelijkwaardig was aan Open standaard, om de protocollen van het telecommunicatienetwerk te ontwikkelen. Gekenmerkt door het eigentijdse opensourcewerk, leidde dit samenwerkingsproces tot de geboorte van het Internet in 1969. Een ander vroeg gebruik van open source was in de jaren 1950, toen IBM begon met de distributie van zijn besturingssysteem met broncode en de SHARE-gebruikersgroep werd opgericht om broncode uit te wisselen.
Het Open Source Initiative werd in 1998 door Eric Raymond en Bruce Perens opgericht om de voordelen van open source te promoten in de commerciële markt. Bruce Perens gebruikte hierbij de Free Software Guidelines van Debian om de Open Source Definition te creëren.
Critici wijzen erop dat de term “open source” dubbelzinnig is en dat het verwarring schept over de volledige beschikbaarheid van de bronnen met de vrijheid van gebruik, modificatie en herverspreiding. Softwareontwikkelaars gebruiken daarom liever de term Free/Open Source Software (FOSS), of Free/Libre/Open Source Software (FLOSS) om opensourcesoftware te beschrijven die vrij en gratis beschikbaar is.
GNU General Public License
De GNU General Public License of kortweg de GPL is een copyleftlicentie voor software, bedacht door Richard M. Stallman, die (in het kort) stelt dat je met de software mag doen wat je wil (inclusief aanpassen en verkopen), mits je dat recht ook doorgeeft aan anderen en de auteur(s) van de software vermeldt. Concreet komt dat er op neer dat als je software die onder de GPL is gepubliceerd wilt verkopen, je daar de broncode bij zult moeten doen. Deze broncode mag dan weer verder worden verspreid onder de GPL. Iedereen kan ervoor kiezen zijn of haar programma onder de voorwaarden van deze licentie te publiceren.
Software die onder deze licentie wordt uitgegeven is vrij. Vaak wordt dit verkeerd geïnterpreteerd als gratis software, aangezien het Engelse woord voor vrij (free) ook gratis betekent. Met prijzen heeft de licentie echter weinig te maken: het gaat over rechten. Wel is het zo dat praktisch alle vrije software gratis te downloaden is en als men er toch voor moet betalen, men het recht heeft om de software zelf weg te geven of zelfs door te verkopen.
De GNU Lesser General Public License (of kortweg de LGPL) is een afgezwakte versie van de GPL die soepeler omgaat met het gebruik van software in software met een andere licentie. Deze verschilt met de GPL op het punt dat software die gebruik maakt (als bibliotheek bijvoorbeeld) van LGPL-gelicenseerde software, zelf niet onder de LGPL hoeft te worden vrijgegeven.
Voor de exacte (en juridisch geldige) teksten van de GPL-licentie kan men terecht op de site van GNU
WORDPRESS
WordPress is vrije software, die onder de GPL-licentie wordt gepubliceerd. WordPress is ontwikkeld door Matthew Mullenweg, maar het wordt door een flinke groep ontwikkelaars ondersteund. Veel websites maken inmiddels gebruik van WordPress.
WordPress maakt gebruik van de PHP-programmeertaal. Alle content wordt opgeslagen in een MySQL-database. Per WordPress-installatie is één weblog te beheren. Voor een meervoudige installatie is WordPress Multi User (WPMU) beschikbaar.
Door middel van thema’s (themes) of zelfgemaakte template files is de opmaak van pagina’s aan te passen, zodat er geen gebruik hoeft te worden gemaakt van de standaard vormgeving die WordPress levert. Ook zijn er talloze plugins beschikbaar die allerlei functies aan de site toevoegen. Een aantal daarvan zijn bijvoorbeeld spam filters (bijvoorbeeld SpamKarma) of kleine scherm detectie (Mobiele telefoon, Nintendo Wii, Nintendo DS, etc.).
WordPress-gebruikers wordt verzocht onderaan pagina’s te linken naar de website van WordPress.
